Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2019
Onder 2.6 Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:170.
Subonderdeel 1.1 klaagt dat het oordeel van het hof in rov. 5.7, dat het vermoeden van de Provincie dat zij is benadeeld door de verkoop van de aandelen en/of de wijze waarop de verkoopopbrengst door Brachium is aangewend, gerechtvaardigd is en dat daarmee voldoende grond bestaat om een rechtsbetrekking als bedoeld in art. 843a Rv aan te nemen, blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting. Volgens het subonderdeel had het hof voor het aannemen van een rechtsbetrekking in de zin van art. 843a Rv als maatstaf moeten hanteren dat het bestaan van de gestelde rechtsbetrekking voldoende aannemelijk dient te zijn (gemaakt), althans in elk geval een zwaardere maatstaf dan het hof heeft geformuleerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/42d75e21645f2b26ae16f79af371c9d057611d128e4d7ab82407625d774d5401. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 42d75e21645f2b26ae16f79af371c9d057611d128e4d7ab82407625d774d5401, en de alinea staat in dat document op bytes 47333 tot 48091.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/42d75e21645f2b26ae16f79af371c9d057611d128e4d7ab82407625d774d5401 | shasum -a 256