Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2019
Onder 2.34 Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:170.
Subonderdeel 1.3 klaagt dat het oordeel van het hof in rov. 5.7 in samenhang met rov. 5.10 dat het vermoeden gerechtvaardigd is dat sprake is van een rechtsbetrekking uit onrechtmatige daad wegens selectieve betaling ook blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting althans onbegrijpelijk is, omdat tussen de Provincie en Brachium reeds een rechtsverhouding uit wanprestatie bestaat wegens het niet betalen door Brachium van de geldvordering(en) van de Provincie en er naast aansprakelijkheid op grond van wanprestatie slechts ruimte voor aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad is indien ook onafhankelijk van het schenden van de verbintenis sprake is van onrechtmatig handelen . Volgens het subonderdeel heeft het hof dit miskend, althans niet (kenbaar) vastgesteld dat en op grond van welke omstandigheden ook onafhankelijk van de wanprestatie sprake zou kunnen zijn van (een gerechtvaardigd vermoeden van) onrechtmatig handelen door Brachium.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/42d75e21645f2b26ae16f79af371c9d057611d128e4d7ab82407625d774d5401. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 42d75e21645f2b26ae16f79af371c9d057611d128e4d7ab82407625d774d5401, en de alinea staat in dat document op bytes 78001 tot 79069.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/42d75e21645f2b26ae16f79af371c9d057611d128e4d7ab82407625d774d5401 | shasum -a 256