Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2019

Onder 2.39 Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:170.

Onderdeel 3 – opgenomen onder het kopje “Reikwijdte toegewezen vorderingen onder (i) en (m)” – klaagt in de eerste plaats dat het hof door de vorderingen onder (i) en (m) toe te wijzen, heeft miskend dat art. 843a Rv (slechts) de mogelijkheid biedt om inzage, afschrift of uittreksel van bepaalde bescheiden te verkrijgen en geen rechtsgrond biedt om een partij te veroordelen om aan de hand van niet nader genoemde “schriftelijke stukken” aan te tonen hoe zij ontvangen gelden heeft aangewend. Het onderdeel klaagt daarnaast dat het hof heeft miskend dat de door hem toegewezen vorderingen onder (i) en (m) er in wezen op neerkomen dat Brachium rekening en verantwoording moet afleggen met betrekking tot haar financiële handel en wandel in de afgelopen (bijna) 3 jaar, en die toewijzing daarmee in strijd is met het arrest van de Hoge Raad in de zaak Tripels/Masson .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/42d75e21645f2b26ae16f79af371c9d057611d128e4d7ab82407625d774d5401. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 42d75e21645f2b26ae16f79af371c9d057611d128e4d7ab82407625d774d5401, en de alinea staat in dat document op bytes 83426 tot 84432.