Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2019
Onder 4.13 Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:178.
Naar het oordeel van het hof kan Dexia niet staande houden dat zij er ten tijde van het aangaan van de effectenleaseovereenkomst niet van op de hoogte was dat artikel 1:88 BW van toepassing was. De overeenkomst die in deze procedure aan de orde is, biedt immers met zoveel woorden plaats voor medeondertekening van de echtgeno(o)te van de lessee (in dit geval: [verweerder] ). Medeondertekening heeft niet plaatsgevonden hoewel dit wel was vereist. De omstandigheid dat Dexia op dit punt geruime tijd een andersluidend standpunt heeft ingenomen, toen de vorderingen op grond van vernietiging op de voet van artikel 1:88 BW haar in groten getale bereikten, doet hier niet aan af. Artikel 6:205 BW houdt in dat de ontvanger van een onverschuldigde betaling zonder ingebrekestelling in verzuim is wanneer hij deze te kwader trouw heeft aangenomen. Dat is hier het geval, zodat de wettelijke rente door Dexia verschuldigd is zoals gevorderd en toegewezen. (…).”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b042caa8988631b0c4287e02c875f2ac05fdfa33c711327762bc343d71d0fd1a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b042caa8988631b0c4287e02c875f2ac05fdfa33c711327762bc343d71d0fd1a, en de alinea staat in dat document op bytes 10793 tot 11767.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b042caa8988631b0c4287e02c875f2ac05fdfa33c711327762bc343d71d0fd1a | shasum -a 256