Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2019

Onder 3.8.2 Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:178.

Aan de andere kant is voor kwade trouw onvoldoende dat de ontvanger twijfelt over de verschuldigdheid van de prestatie. In dat geval kan wellicht worden gezegd dat de ontvanger onderzoek had moeten doen (vgl. art. 3:11 BW) en, door onderzoek na te laten, gezien zijn twijfel kan worden aangemerkt als niet te goeder trouw.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b042caa8988631b0c4287e02c875f2ac05fdfa33c711327762bc343d71d0fd1a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b042caa8988631b0c4287e02c875f2ac05fdfa33c711327762bc343d71d0fd1a, en de alinea staat in dat document op bytes 22661 tot 23124.