Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2019

Onder 3.17 Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 januari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:178.

De klacht slaagt m.i. niet voor zover zij (in de bij 3.13.2 bedoelde lezing van rov. 4.13) opkomt tegen een in rov. 4.13, eerste volzin, vervat oordeel dat Dexia niet kan staande houden dat zij, ten tijde van de tussen haar en [verweerder] gesloten overeenkomst, er niet van op de hoogte was dat art. 1:88 BW van toepassing was op een dergelijke effectenleaseovereenkomst in het geval dat de wederpartij van Dexia gehuwd was. Het is niet onbegrijpelijk dat het hof uit de in 3.13.1 genoemde omstandigheden heeft afgeleid dat Dexia van mogelijke toepasselijkheid van art. 1:88 lid 1 BW op de hoogte was, ook voordat de Hoge Raad daarover in 2008 een oordeel had gegeven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b042caa8988631b0c4287e02c875f2ac05fdfa33c711327762bc343d71d0fd1a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b042caa8988631b0c4287e02c875f2ac05fdfa33c711327762bc343d71d0fd1a, en de alinea staat in dat document op bytes 38663 tot 39346.