Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2019

Onder 2.24 Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:189.

Naar de mening van Blanco Fernández is de Hoge Raad in VDV Totaalbouw een rubicon overgestoken door te spreken van een ‘rechtssubject’. De rechtssubjectiviteit van de personenvennootschap is daarmee misschien niet buiten enkele twijfel gesteld, maar er is op zijn minst een krachtig signaal in die richting afgegeven, zo betoogt hij. De Hoge Raad spreekt over een rechtssubject dat ‘zelfstandig’ aan het rechtsverkeer kan deelnemen. Los van de concrete bewoordingen, is de uitkomst van het arrest, en van latere arresten, beter te verklaren wanneer de vennootschap, in plaats van de vennoten, als drager van de rechtsverhouding in kwestie wordt gezien. In meer recente jurisprudentie zou de Hoge Raad inderdaad de richting zijn opgegaan van wat hij noemt het ‘vennootschapsperspectief’, d.w.z het centraal staan van het samenwerkingsverband en niet van de leden van het verband (het zgn. vennotenperspectief). Het lijkt hem dat veel gewonnen zou zijn als de Hoge Raad, in navolging van Paul Scholten en vele anderen, de eigen rechtspersoonlijkheid van de personenvennootschap zou erkennen. Zijns inziens behoeft een uitdrukkelijke uitspraak van de wetgever daarvoor niet te worden afgewacht. De erkenning van de rechtssubjectiviteit van de vennootschap past volgens Blanco Fernández bij de rechtsvormende taak van de Hoge Raad.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea95ffbb9fb71d09ed94476bc99d940aa5d3579f9cd9aa20abbd4f3cae79ccac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea95ffbb9fb71d09ed94476bc99d940aa5d3579f9cd9aa20abbd4f3cae79ccac, en de alinea staat in dat document op bytes 45953 tot 47538.