Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019

Onder 2.54 Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:192.

Onderdeel 2.3 richt zich in het bijzonder tegen overweging 6.30. Hier overweegt het hof dat de stellingen van [verweerder] in de conclusie van dupliek van 2 februari 2005 niet tot een ander oordeel leiden, omdat [verweerder] met de aangehaalde termen ‘buitenproportioneel’, ‘vexatoir’ en ‘misbruik van recht’ slechts doelde op zijn standpunt dat hij als journalist ten onrechte wordt “meegesleept” in een controverse tussen [eiser] en [betrokkene 1] . Dat standpunt brengt volgens het hof niet mee dat de verjaringstermijn toen al is gaan lopen. Volgens het middelonderdeel berust dit oordeel op een onbegrijpelijke lezing van [verweerder] stellingen in de Rotterdamse procedure. Ter toelichting voert het middel aan dat [verweerder] in de genoemde conclusie van dupliek had gesteld dat

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b68d46d7b5ad85bda688ec1daadcd37ab6c15c3c745b159e8f88bd9b68990bac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b68d46d7b5ad85bda688ec1daadcd37ab6c15c3c745b159e8f88bd9b68990bac, en de alinea staat in dat document op bytes 77547 tot 78413.