Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019
Onder 1.6 Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:192.
Bij tussenarrest van 16 januari 2018 (ECLI:NL:GHSHE:2018:101) heeft het gerechtshof ’s-Hertogenbosch eerst de reikwijdte van de grieven van [verweerder] onderzocht (overweging 6.15). Vervolgens heeft het hof de vraag besproken of [eiser] misbruik van procesrecht heeft gemaakt door de (Rotterdamse) procedure tegen [verweerder] in te stellen. Het hof achtte de grieven van [verweerder] in zoverre gegrond, dat de ontkenning door [eiser] van enig telefonisch contact tussen hem en [betrokkene 1] , voorafgaand aan het pleidooi van 8 december 1994, een centrale stelling van [eiser] was in de Rotterdamse procedure (overweging 6.20). Het hof heeft daarna onderzocht of [verweerder] in dit geding terecht aanvoert dat indien komt vast te staan dat voor het pleidooi op 8 december 1994 een telefoongesprek heeft plaatsgevonden tussen [eiser] en de advocaat [betrokkene 1] , dit meebrengt dat [eiser] misbruik van procesrecht heeft gemaakt door de Rotterdamse procedure tegen [verweerder] in te stellen. Naar het oordeel van het hof is dat inderdaad het geval (overwegingen 6.21 – 6.22).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b68d46d7b5ad85bda688ec1daadcd37ab6c15c3c745b159e8f88bd9b68990bac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b68d46d7b5ad85bda688ec1daadcd37ab6c15c3c745b159e8f88bd9b68990bac, en de alinea staat in dat document op bytes 14272 tot 15372.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b68d46d7b5ad85bda688ec1daadcd37ab6c15c3c745b159e8f88bd9b68990bac | shasum -a 256