Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019
Onder 2.32 Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:192.
Omdat partijen anno 2018 verdeeld waren over het antwoord op de vraag of kort vóór de pleitzitting op 8 december 1994 – dus circa 23 jaar eerder − een telefoongesprek tussen [eiser] en [betrokkene 1] is gevoerd en het hof uitsluitsel daarover nodig achtte om een beslissing te kunnen nemen over de vordering van [verweerder] , is voor de lezer niet onbegrijpelijk dat het gerechtshof veel betekenis toekent aan een brief over de gang van zaken die kort na het beweerde voorval (reeds op 12 december 1994) is geschreven en aan de reactie van de geadresseerde, kort daarna, op die brief. Voor het overige richt de klacht zich tegen een waardering door het hof van het beschikbare bewijsmateriaal, die als zodanig niet onbegrijpelijk is. Wat betreft de in het middelonderdeel genoemde argumenten van [eiser] : de rechter selecteert en waardeert zelfstandig de beschikbare bewijsmiddelen. Daarmee mag de rechter een eigen redenering opzetten die uitmondt in een bepaald (hier: voorshands gegeven) bewijsoordeel en die dat oordeel kan dragen. Ook ten aanzien van een bewijsbeslissing geldt het grondbeginsel van een behoorlijke rechtspleging dat elke rechterlijke beslissing ten minste zodanig moet worden gemotiveerd dat zij voldoende inzicht geeft in de aan haar ten grondslag liggende gedachtegang om de beslissing zowel voor partijen als voor derden – in geval van openstaan van hogere voorzieningen: de hogere rechter daaronder begrepen – controleerbaar en aanvaardbaar te maken . Dat brengt niet mee dat de rechter gehouden is ieder mogelijk alternatief te bespreken, noch dat de rechter verplicht is in te gaan op elk door een procespartij aangevoerd argument dat tot een andere waardering van het beschikbare bewijsmateriaal zou kunnen leiden. Deze klacht leidt niet tot cassatie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b68d46d7b5ad85bda688ec1daadcd37ab6c15c3c745b159e8f88bd9b68990bac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b68d46d7b5ad85bda688ec1daadcd37ab6c15c3c745b159e8f88bd9b68990bac, en de alinea staat in dat document op bytes 54694 tot 56598.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b68d46d7b5ad85bda688ec1daadcd37ab6c15c3c745b159e8f88bd9b68990bac | shasum -a 256