Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019
Onder 2.33 Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 februari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:192.
De tweede deelklacht houdt in dat in het licht van de gedingstukken onbegrijpelijk is waarop het oordeel (in overweging 6.24.1) berust dat de door het hof genoemde verklaringen van [betrokkene 2] over het beweerde telefoongesprek ‘overtuigend’ zijn en op hoofdlijnen consistent met de verklaringen van [betrokkene 1] . Ter toelichting op deze klacht wijst [eiser] op zijn stelling dat [betrokkene 2] niet consistent was in haar verklaringen over de vraag wie nu precies met wie zou zijn doorverbonden, noch over de inhoud van het gesprek. Ook had hij aangevoerd dat de verklaringen van [betrokkene 2] en [betrokkene 1] onderling verschillend zijn en elkaar tegenspreken. Het hof passeert volgens de klacht zonder enige motivering de met verklaringen van zijn secretaresses onderbouwde stelling van [eiser] dat hij zich nooit liet doorverbinden met de secretaresse van een advocaat. Verder is het hof volgens de klacht niet ingegaan op het argument dat de kamergenote van [betrokkene 2] zich niets kon herinneren van de ophef, net als de diverse compagnons van [betrokkene 1] .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b68d46d7b5ad85bda688ec1daadcd37ab6c15c3c745b159e8f88bd9b68990bac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b68d46d7b5ad85bda688ec1daadcd37ab6c15c3c745b159e8f88bd9b68990bac, en de alinea staat in dat document op bytes 56678 tot 57771.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b68d46d7b5ad85bda688ec1daadcd37ab6c15c3c745b159e8f88bd9b68990bac | shasum -a 256