Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019

Onder 5.3 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:249.

De overige grieven keren zich tegen het oordeel over de ontvankelijkheid van [eiser] . Het hof oordeelt dat [betrokkene 1] als gevoegde partij aan de zijde van gedaagde [eiser] , procespartij is geworden in de hoofdzaak. Zij is verschenen. Tegen [eiser] is (rechtmatig) verstek verleend. Een redelijke uitleg van artikel 140 Rv brengt in dit geval dan mee dat [betrokkene 1] moet worden gelijkgesteld aan een medegedaagde. Artikel 140 Rv bepaalt:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ba5a67a9f97b077affb11a0ba11f3e3201ab9c9fb7d21b343a982f0d3f82d63. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ba5a67a9f97b077affb11a0ba11f3e3201ab9c9fb7d21b343a982f0d3f82d63, en de alinea staat in dat document op bytes 12634 tot 13094.