Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019
Onder 2.16 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:249.
Daartegen heeft [eiser] zijn eerste grief gericht. Uit de toelichting leid ik af dat uitsluitend wordt opgekomen tegen het uitgangspunt dat [betrokkene 1] zich aan de zijde van [eiser] heeft gevoegd, en niet tegen de voeging als zodanig. Zo wordt bij memorie van grieven gesteld (par. 26 en 33) dat [betrokkene 1] zich als zelfstandige partij in de procedure heeft gevoegd om haar eigen belangen (en die van haar dochter) te behartigen, maar wordt “nadrukkelijk bestreden” dat [betrokkene 1] zich had gevoegd aan de zijde van [eiser] .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ba5a67a9f97b077affb11a0ba11f3e3201ab9c9fb7d21b343a982f0d3f82d63. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ba5a67a9f97b077affb11a0ba11f3e3201ab9c9fb7d21b343a982f0d3f82d63, en de alinea staat in dat document op bytes 25958 tot 26546.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4ba5a67a9f97b077affb11a0ba11f3e3201ab9c9fb7d21b343a982f0d3f82d63 | shasum -a 256