Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019
Onder 2.23 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:249.
Deze strekking is bepalend voor de begrenzing van het toepassingsgebied van art. 140 lid 3 Rv. Art. 140 Rv veronderstelt dat de verschillende verweerders niet zonder reden gezamenlijk werden gedagvaard en dat de connexiteit van de vorderingen daartoe aanleiding is. Vanwege deze connexiteit is het dan van belang dat de zaak één geheel blijft en dat op de samenhangende vorderingen, die deels op verstek en deels op tegenspraak worden behandeld, in gelijke zin wordt beslist. Door te bepalen dat tussen partijen één vonnis wordt gewezen, wordt voorkomen dat tegenstrijdige vonnissen ten aanzien van eenzelfde rechtsbetrekking worden gewezen. De bepaling dat een vonnis wordt gewezen dat op tegenspraak heeft te gelden, heeft tot gevolg dat daarvan door een ieder, ongeacht zijn ‘status’ in het geding in eerste aanleg (verschenen of niet) hoger beroep dient te worden ingesteld. Als de verschenen gedaagden echter, voordat eindvonnis wordt gewezen, niet langer aan de procedure deelnemen, is, aldus de Hoge Raad in genoemd arrest, het risico van tegenstrijdige uitspraken geëlimineerd:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4ba5a67a9f97b077affb11a0ba11f3e3201ab9c9fb7d21b343a982f0d3f82d63. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4ba5a67a9f97b077affb11a0ba11f3e3201ab9c9fb7d21b343a982f0d3f82d63, en de alinea staat in dat document op bytes 30418 tot 31526.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4ba5a67a9f97b077affb11a0ba11f3e3201ab9c9fb7d21b343a982f0d3f82d63 | shasum -a 256