Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2019
Onder 2.25 Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:295.
Het hof oordeelt dat er geen twijfel is over de betrouwbaarheid van het bewijs. Gelet hierop moet worden geconcludeerd dat de belastingplichtige dus onjuiste aangiften heeft gedaan. Het bewijs is onrechtmatig verkregen, maar het is de tipgever, en niet de Belastingdienst, die onrechtmatig heeft verkregen en de onrechtmatigheid is jegens de werkgever en niet jegens de frauderende zwartspaarder begaan. In dat licht bezien menen wij dat het hof de heling door de overheid opvallend ‘eenvoudig’ in de belangenafweging wegschrijft (vgl. E.J.M. Rosier, ‘Van kroongetuigen en de handel in gestolen gegevens’, TFB 2010/2, p. 2). Er lijkt in zoverre weinig in de weg te staan aan het gebruik van het door de tipgever verstrekte bewijs in de onderhavige belastingprocedure (zie HR 14 november 2006, nr. 02324/05, V-N 2007/2.3 en HR 21 maart 2008, nr. 43050, BNB 2008/159, V-N 2008/16.5). Toch sluit het hof het bewijs uit van gebruik. Niet uit het oog mag echter worden verloren, denken wij, dat het hof hierbij de sleutel van art. 8:31 Awb heeft gehanteerd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ae6eb23459017b2d9b6009896bad5ab43f9e792ae02e4d37e23b97260e03cd17. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ae6eb23459017b2d9b6009896bad5ab43f9e792ae02e4d37e23b97260e03cd17, en de alinea staat in dat document op bytes 74196 tot 75409.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ae6eb23459017b2d9b6009896bad5ab43f9e792ae02e4d37e23b97260e03cd17 | shasum -a 256