Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019
Onder 10.11 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:329.
Art. 6:228 BW vermeldt als rechtsgevolg van dwaling dat de overeenkomst vernietigbaar is. De uitoefening van de vernietigingsbevoegdheid is een wilsrecht dat toekomt aan de dwalende. De rechter heeft (behoudens de werking van art. 6:230 BW) niet de discretionaire bevoegdheid om te bewerkstelligen dat bij een geslaagd beroep op dwaling vernietiging achterwege blijft.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4f3fa5b0119cb9aaeea5a118c2d105898732ac3dcdcae89053bb8926e22d6fa9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4f3fa5b0119cb9aaeea5a118c2d105898732ac3dcdcae89053bb8926e22d6fa9, en de alinea staat in dat document op bytes 162062 tot 162571.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4f3fa5b0119cb9aaeea5a118c2d105898732ac3dcdcae89053bb8926e22d6fa9 | shasum -a 256