Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019
Onder 10.15.3 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:329.
De in de parlementaire geschiedenis genoemde strekking om “de gevolgen van een vernietigbaarheid te matigen of eventueel op te heffen” betreft niet alleen de vraag of de vernietigingsbevoegdheid kan komen te vervallen (vgl. art. 6:230 BW), maar ook, indien de vernietigingsbevoegdheid bestaat, de vervolgvraag welke gevolgen worden verbonden aan de vernietiging. Wat dit laatste betreft kan worden gewezen op mechanismes om de reikwijdte van de vernietiging (art. 3:41 BW) of de gevolgen van vernietiging te beperken (art. 3:53 lid 2 BW). In het verlengde daarvan kunnen de gevolgen van vernietiging zich ook manifesteren in de verschillende gedaanten van de verbintenissen uit onverschuldigde betaling (art. 6:203 en 6:210 BW) die omstaan als gevolg van de vernietiging van de overeenkomst.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4f3fa5b0119cb9aaeea5a118c2d105898732ac3dcdcae89053bb8926e22d6fa9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4f3fa5b0119cb9aaeea5a118c2d105898732ac3dcdcae89053bb8926e22d6fa9, en de alinea staat in dat document op bytes 166814 tot 167686.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4f3fa5b0119cb9aaeea5a118c2d105898732ac3dcdcae89053bb8926e22d6fa9 | shasum -a 256