Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019
Onder 10.8.3 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:331.
Onderdeel 4 van het principale middel bestrijdt niet dat art. 6:210 lid 2 BW in dit geval kan worden toegepast (s.t. ING nr. 124), dus de oordelen (i) dat de prestatie van ING niet ongedaan gemaakt kan worden, (ii) dat Cliënt erin heeft toegestemd een tegenprestatie te verrichten en (iii) dat niet is komen vast te staan dat Cliënt zonder de dwaling in het geheel niet zou hebben gecontracteerd. Het onderdeel bestrijdt het oordeel over de te hanteren waarde.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/61da9d95f6a8a46a0448dd6a7c54ebeb4c9bd9631750a4b722d4ac1b3439b941. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 61da9d95f6a8a46a0448dd6a7c54ebeb4c9bd9631750a4b722d4ac1b3439b941, en de alinea staat in dat document op bytes 235994 tot 236470.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/61da9d95f6a8a46a0448dd6a7c54ebeb4c9bd9631750a4b722d4ac1b3439b941 | shasum -a 256