Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2019

Onder 3.67 Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:339.

Het subonderdeel bevat verder nog een motiveringsklacht tegen het vervolg van rov. 2.69. Die klacht luidt dat het oordeel van het Hof over de relevantie van de gebleken onjuist- en onduidelijkheden ontoereikend is gemotiveerd nu (i) het Hof met juistheid constateert dat het rapport niet foutloos behoeft te zijn (rov. 2.69, eerste en tweede volzin), (ii) de in het verzoekschrift onder 38 besproken oordelen over onjuist- en onduidelijkheden marginale aangelegenheden betreffen, zeker in verhouding tot de feiten en omstandigheden die het GEA in zijn beschikking van 14 september 2010 (rov. 5.9) aan de ontbinding ten grondslag heeft gelegd en (iii) het GEA bij zijn ontbindingsbeslissing de kwestie van het tenderreglement (zie rov. 2.33-2.35 en in het verzoekschrift tot cassatie onder 38 (i) niet eens in aanmerking heeft genomen (zie rov. 5.9 van de beschikking van 14 september 2010 en rov. 4.12 van de beschikking van 22 juli 2011 ).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ae431d2c10ca8316ce4c63f48f06cdabc1d422aba1a339c7fccdf75387da81b0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ae431d2c10ca8316ce4c63f48f06cdabc1d422aba1a339c7fccdf75387da81b0, en de alinea staat in dat document op bytes 126900 tot 127980.