Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 maart 2019

Onder 1.12 Parket bij de Hoge Raad 15 maart 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 maart 2019, ECLI:NL:PHR:2019:343.

Ten aanzien van de vijfde grief heeft het hof het betoog van CBI, dat zij niet kan worden veroordeeld tot betaling van een bedrag hoger dan het bedrag waarvoor de L/C is verstrekt, namelijk DM 3.898.028,- (omgerekend € 1.993.027,51), verworpen. Volgens het hof is CBI door het niet betalen onder de L/C een jaar na verzending van de goederen door Siemens een eigen betalingsverplichting jegens Siemens niet nagekomen en is de in dat kader verschuldigde rente niet gerelateerd aan het maximum bedrag waarvoor de L/C door Siemens kon worden ingeroepen. Ook heeft het hof het betoog verworpen dat de rentebetalingsverplichting moet worden verminderd, omdat het hoog oplopen daarvan mede te wijten is aan de proceshouding van Siemens (rov. 3.6.1). Ten aanzien de renteberekening heeft het hof in rov. 3.6.2 overwogen dat de hoofdsom € 1.524.917,81 bedraagt, waarover CBI volgens Siemens een contractuele rente van 6% per jaar verschuldigd is. Siemens heeft deze rente met ingang van 25 december 1989 gevorderd. Volgens het hof moet echter, om op een totale vordering van € 2.909.223,03 te komen ook samengestelde rente (rente over rente) zijn berekend. Volgens CBI is volgens Iraaks recht rente verschuldigd vanaf het moment dat de rechtszaak aanhangig wordt gemaakt en mag – behoudens ‘commercial rules of custom and usage’ – geen rente over rente in rekening worden gebracht en het bedrag aan rente niet hoger zijn dan de hoofdsom. Siemens heeft op haar beurt gesteld dat is overeengekomen dat de rente verschuldigd zou worden vanaf 25 december 1989 en dat sprake is van ‘commercial rules’ die meebrengen dat de rente de hoofdsom kan overstijgen. Ook heeft het hof overwogen dat Siemens de door haar gevorderde rente vanaf 26 januari 2001 heeft gefixeerd op een vast bedrag per dag, en daaruit afgeleid dat Siemens het verbod van anatocisme (samengestelde rente) op zichzelf erkent, zij het dat zij dit niet toepast op de rentebetalingsverplichting op de daaraan voorafgaande periode. Het hof heeft Siemens in de gelegenheid gesteld zich bij akte uit te laten over de wijze waarop zij de rente heeft berekend en welke uitgangspunten zij daaraan ten grondslag heeft gelegd (rov. 3.7).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c2a87bdb16182f9440f89f5bc49c0296e42ff1fb595fd0970426c8e85ca008c9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c2a87bdb16182f9440f89f5bc49c0296e42ff1fb595fd0970426c8e85ca008c9, en de alinea staat in dat document op bytes 14592 tot 16804.