Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 april 2019
Onder 4.4 Parket bij de Hoge Raad 19 april 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 april 2019, ECLI:NL:PHR:2019:430.
Ook als het middel terecht zou klagen dat het hof heeft verzuimd een beslissing te nemen ten aanzien van de door [verweerder 1] en [verweerster 2] ingestelde vorderingen met betrekking tot de beslagen, faalt het bij gebrek aan belang. Het middel miskent dat op grond van art. 353 lid 1 Rv in hoger beroep niet voor het eerst een eis in reconventie kan worden ingesteld. Dit verbod is absoluut en lijdt zelfs geen uitzondering indien de vorderingen nauw verband houden met de vorderingen in conventie. De achtergrond hiervan is dat anders een instantie verloren zou gaan. Dit betekent dat [verweerder 1] en [verweerster 2] geen reconventionele vordering konden instellen in appel, ook al hadden zij deze vordering niet eerder kunnen instellen doordat de beslagen pas hangende het hoger beroep zijn gelegd. Het incidenteel cassatiemiddel behoeft daarom geen verdere bespreking.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6438d8bb3634b466f70ff7d325c54f74aabd82bdbbb6f19a88c767b5ccad62d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6438d8bb3634b466f70ff7d325c54f74aabd82bdbbb6f19a88c767b5ccad62d7, en de alinea staat in dat document op bytes 28264 tot 29281.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6438d8bb3634b466f70ff7d325c54f74aabd82bdbbb6f19a88c767b5ccad62d7 | shasum -a 256