Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 april 2019

Onder 2.41 Parket bij de Hoge Raad 26 april 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 april 2019, ECLI:NL:PHR:2019:450.

De vraag of in een concreet geval sprake is van oorzakelijk verband pleegt te worden beantwoord met behulp van de condicio sine qua non -toets . Bij deze toets wordt de werkelijk bestaande situatie na de onrechtmatige daad vergeleken met de denkbeeldige situatie alsof de onrechtmatige gedraging niet had plaatsgevonden. Indien in de denkbeeldige situatie zonder onrechtmatige daad de schade zich niet zou hebben voorgedaan, is sprake van een (negatief) oorzakelijk verband. Anders gezegd: de onrechtmatige gedraging is een voorwaarde (‘ condicio sine qua non ’, c.s.q.n .) geweest voor het intreden van de schade. Zo ook hebben de eisers in deze zaak geredeneerd: indien het onrechtmatig handelen van de korpschef van het korps PHM wordt weggedacht en het wapenverlof zou zijn geweigerd, zou de schutter naar verwachting niet de beschikking hebben gehad over de vuurwapens die hij in winkelcentrum ‘de Ridderhof’ heeft gebruikt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3d94de41515d9c4ecfb6becbd0ae48374945e658f9cb8668eb9daa52dad93a07. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3d94de41515d9c4ecfb6becbd0ae48374945e658f9cb8668eb9daa52dad93a07, en de alinea staat in dat document op bytes 87111 tot 88225.