Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 april 2019

Onder 2.25 Parket bij de Hoge Raad 26 april 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 april 2019, ECLI:NL:PHR:2019:450.

“Eerst moet dus blijken van eenig redelijk belang, als de uitoefening van de jacht, bescherming van persoon of verfraaiing, of wat dies meer zij. Alleen binnen de grens van wat dat redelijk belang vordert, kan de machtiging worden verleend. Is b.v. het redelijk belang de uitoefening van de jacht, dan kan daardoor het voorhanden hebben van zwaardere wapenen dan voor de jacht worden vereischt, niet worden gedekt; is het bescherming van persoon of goed, dan zal het getal der daarvoor benoodigde wapenen uiteraard zeer beperkt zijn, enz. Bovendien wordt de machtiging alleen verleend voor zoover misbruik daarvan of van het vuurwapen niet valt te vrezen. Hier komt de persoonlijkheid van den aanvrager in het geding, waaromtrent de politie zich zal hebben te vergewissen.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3d94de41515d9c4ecfb6becbd0ae48374945e658f9cb8668eb9daa52dad93a07. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3d94de41515d9c4ecfb6becbd0ae48374945e658f9cb8668eb9daa52dad93a07, en de alinea staat in dat document op bytes 67691 tot 68481.