Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019

Onder 3.55 Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019, ECLI:NL:PHR:2019:479.

De motiveringsklachten van onderdeel 4 treffen geen doel. Ik memoreer dat de uitzondering op de uitzondering door de Hoge Raad eng wordt uitgelegd. De uitzondering op de uitzondering geldt alleen voor besluiten die in het bijzonder zijn gericht op de regeling van personele gevolgen. In rov. 3.10 heeft de ondernemingskamer mijns inziens voldoende begrijpelijk gemotiveerd dat het bestreden besluit de strategische keuze inhoudt om de ZSM-locatie naar Den Bosch te verhuizen en niet de specifieke personele gevolgen regelt. Dat personele gevolgen inherent zijn aan deze strategische keuze om te verhuizen naar een andere locatie doet, anders dan het onderdeel klaagt, aan de begrijpelijkheid van het oordeel van de ondernemingskamer op dit punt niet af. Dat het besluit onder meer is toegelicht door te wijzen op de gebrekkige arbeidsomstandigheden in het gebouw aan de Mathildelaan in Eindhoven is anders dan het onderdeel klaagt, niet onverenigbaar met het oordeel van de ondernemingskamer in rov. 3.10 dat de uitzondering op de uitzondering, gelet op de inhoud van het besluit die naar het oordeel van de ondernemingskamer is gelegen in de strategische keuze om te verhuizen, niet van toepassing is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a74da280f19d4e5f1783c4053193812549d199520353463b532527ef1b2be68c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a74da280f19d4e5f1783c4053193812549d199520353463b532527ef1b2be68c, en de alinea staat in dat document op bytes 130509 tot 131725.