Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 mei 2019
Onder 3.6. Parket bij de Hoge Raad 14 mei 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 mei 2019, ECLI:NL:PHR:2019:481.
23. Ik heb mij afgevraagd of de verschillende verschijningsvormen van de eigen waarneming over één kam moeten worden geschoren. Een generale benadering lijkt aanwezig in de toelichting bij voorstellen uit het project Modernisering Strafvordering. Ik wijs op het volgende citaat uit de (ontwerp-)memorie van toelichting bij boek 4 (p. 63) in het project Modernisering Strafvordering:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d4dec1ea8524194f244fa95602805bc06baa630a3e6c9d12d0ff226050cd86ff. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d4dec1ea8524194f244fa95602805bc06baa630a3e6c9d12d0ff226050cd86ff, en de alinea staat in dat document op bytes 30528 tot 30926.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d4dec1ea8524194f244fa95602805bc06baa630a3e6c9d12d0ff226050cd86ff | shasum -a 256