Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019

Onder 2.2 Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019, ECLI:NL:PHR:2019:496.

[eisers] zijn sinds 26 juli 1999 eigenaar van een boerderij-woning in [plaats] . Het achterhuis van die woning is gebouwd in 1910, de rest in 1970. De woning is op 31 oktober 2005 getaxeerd op een onderhandse verkoopwaarde, vrij van huur en gebruik, ad € 220.000 en na een kleine verbouwing op € 225.000. In 2008 tot en met 2011 kampte [eiser 2] met de ziekte van Lyme, waardoor hij zijn werk in de ICT en als metaalbewerker moest staken. [eiseres 1] is schrijfster, vertaalster en beeldend kunstenares. Zij is hoofdkostwinner en werkt thuis. [eisers] wilden dichter bij de stad Groningen wonen en hebben hun woning op 20 juli 2011 te koop gezet voor € 224.500. De woning werd op peildatum 1 januari 2011 voor de Wet waardering onroerende zaken (WOZ) gewaardeerd op € 199.000.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb, en de alinea staat in dat document op bytes 62126 tot 62933.