Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019

Onder 3.10 Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019, ECLI:NL:PHR:2019:496.

De Maatschap stelt bij verweer dat zij een samenwerkingsverband is tussen NAM en EBN en geen rechtspersoonlijkheid heeft, zodat zij niet zelfstandig rechten en plichten draagt. Zij is een stille Maatschap die (dus) niet voor derden kenbaar (zelfstandig) deelneemt aan het rechtsverkeer. Uit de artikelen 1.2 en 5 van de OvS blijkt dat NAM en EBN zijn overeengekomen dat de Maatschap niet naar buiten toe optreedt. Uit de OvS blijkt verder dat NAM op eigen naam opspoort en wint en feitelijk is dat ook zo. De Maatschap kan daarom niet als procespartij optreden. Eventuele vorderingen moeten worden ingesteld tegen haar maten, zoals de rechtbank Noord-Nederland al heeft geoordeeld bij vonnis van 5 oktober 2016, aldus de Maatschap.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb, en de alinea staat in dat document op bytes 91767 tot 92674.