Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019
Onder 4.3.14 Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019, ECLI:NL:PHR:2019:496.
Art. 2 EVRM behelst primair een verbod om te doden, maar legt ook een positieve verplichting op de Staat om binnen zijn jurisdictie levens te beschermen. Die positieve verplichting geldt “in the context of any activity, whether public or not, in which the right to life may be at stake, and a fortiori in the case of industrial activities, which by their very nature are dangerous” . Bij de beoordeling of art. 2 EVRM is geschonden, is met name van belang of een effectief wettelijke en bestuurlijk kader bestaat ter bescherming van het recht op leven. Als de Staat weet of behoort te weten van een daadwerkelijk en onmiddellijk gevaar voor het leven van een of meer specifieke personen, kan hij gehouden zijn maatregelen te nemen ter bescherming tegen dat gevaar. Niet ieder gesteld levensgevaar leidt tot een verplichting tot maatregelen; de positieve verplichting ex art. 2 EVRM mag niet resulteren in een onmogelijke of disproportionele last voor de Staat, die een beoordelingsruimte heeft die met name in complexe sociale en technische kwesties ruim is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb, en de alinea staat in dat document op bytes 173377 tot 174903.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb | shasum -a 256