Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019

Onder 4.5.3 Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019, ECLI:NL:PHR:2019:496.

NAM wijst op de systematiek van het bewijsrecht en bewijsvermoedens in het algemeen en in het bijzonder op de totstandkomingsgeschiedenis van art. 6:177a BW, waarin duidelijke aanwijzingen voor de beantwoording te vinden zijn: de wetgever heeft aangegeven dat het aan de exploitant is om het bewijsvermoeden te ‘ontzenuwen’. Daarvoor acht NAM twijfel zaaien voldoende. Uit de parlementaire geschiedenis volgt dat de exploitant ‘aannemelijk’ moet maken dat de fysieke schade niet het gevolg is van de gaswinning, bijvoorbeeld door aannemelijk te maken dat de schade een andere oorzaak heeft, zoals een bouwkundige oorzaak of weersomstandigheden. NAM leidt hier uit af dat volgens de wetgever dus niet het tegendeel hoeft vast te staan van het vermoeden dat de desbetreffende schade het gevolg is van de gaswinning.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb, en de alinea staat in dat document op bytes 230898 tot 231924.