Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019

Onder 4.7.34 Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019, ECLI:NL:PHR:2019:496.

Ad vraag 7c, die alleen beantwoording behoeft bij positieve beantwoording van vraag 7a, meen ik dat de gedupeerden en de aansprakelijken niet de mogelijkheid zouden moeten hebben om bij latere waardedaling of -stijging ten opzichte van de peildatum elkaar nog te bestoken met (terug)vorderingen. Bij de schatting van de waardedaling los van realisatie ware art. 6:105 BW toe te passen door de goede en kwade kansen te schatten en de schadevergoeding het karakter van een afkoopsom te geven. Het doel van abstracte schadebegroting (doelmatigheid en redelijkheid) is ver te zoeken als de partijen elkaar op periodieke basis kunnen blijven aanspreken ter zake van verder dalen of juist herwinnen van waarde van de woning.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb, en de alinea staat in dat document op bytes 341919 tot 342752.