Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019

Onder 4.8.22 Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 mei 2019, ECLI:NL:PHR:2019:496.

NAM vreest overcompensatie c.q. dubbeltellingen. Tegen dubbeltellingen moet inderdaad worden gewaakt, maar zoals boven bleek, meen ik dat nauwelijks overlap kan bestaan met smartengeld en dat vergoeding onder het hoofd woongenotgemis minstens deels geïmputeerd moet worden op een eventuele latere (bij realisatie) vergoeding voor waardevermindering. De stelling dat gemist woongenot (bijna) steeds zal zijn ‘opgelost’ in een eventuele vergoeding voor waardevermindering of voor immateriële schade, lijkt mij dus onjuist voor wat betreft eventuele immateriële schadevergoeding en slechts deels juist voor wat betreft eventuele vergoeding van waardevermindering. De waarde beweegt net als de bodem (maar hopelijk meer en in tegengestelde richting). Pas bij realisatie valt er iets over waardevermindering en verrekening te zeggen, mede gezien de door NAM en de Staat getroffen en nog te treffen herstel-, versterkings- en verduurzamingsmaatregelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bfce172e4b5b95f4f9bae78c457da5744460ca6729b46b56eecdd068159ea1eb, en de alinea staat in dat document op bytes 377017 tot 378176.