Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2019

Onder 3.6 Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2019, ECLI:NL:PHR:2019:561.

De vorderingen XIII. en XIV. van het petitum (randnummer 3.3 hiervoor) laten zich bezwaarlijk anders uitleggen dan dat [eiser] primair vordert dat de Staat wordt veroordeeld tot betaling van schadevergoeding van (kort gezegd) € 62.000 (vordering XIII.) en subsidiair vordert dat een deskundige wordt benoemd die de schadevergoeding zal vaststellen of dat de zaak wordt verwezen naar een schadestaatprocedure (vordering XIV.). Het hof heeft de primaire vordering verworpen door in rov. 3.15 te oordelen dat [eiser] (ook in hoger beroep) de door hem gestelde schade onvoldoende heeft toegelicht. Vervolgens heeft het hof in het slot van rov. 3.15 ook de gevorderde verwijzing naar de schadestaatprocedure verworpen. In deze oordelen ligt een ‘verwerping’ van de gevorderde benoeming van een deskundige – het benoemen van een deskundige betreft immers een discretionaire bevoegdheid van de feitenrechter – besloten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6dc28ef8649e8e65910ecba17208621234bfee3894d115b00183df568f0fec78. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6dc28ef8649e8e65910ecba17208621234bfee3894d115b00183df568f0fec78, en de alinea staat in dat document op bytes 26183 tot 27253.