Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juni 2019
Onder 5.6 Parket bij de Hoge Raad 4 juni 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juni 2019, ECLI:NL:PHR:2019:598.
Ik kom tot de slotsom dat een concrete rechtvaardigingstoetsing moet plaatsvinden bij de beoordeling of het verzuim vooraf niet te horen beantwoordt aan doelstellingen van algemeen belang, en wel op de gronden die zijn uiteengezet in onderdeel 7 van de gemeenschappelijke bijlage. Het Hof is niet uitgegaan van een concrete toets, maar van een abstracte toets door te oordelen dat utb’s altijd beantwoorden aan dergelijke doelstellingen. Mijns inziens klaagt middel II terecht dat het Hof aldus is uitgegaan van een onjuiste rechtsopvatting.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bc19905a44bf42081923804dbbb2e92c81fca63247356022e182bcadb80275b9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bc19905a44bf42081923804dbbb2e92c81fca63247356022e182bcadb80275b9, en de alinea staat in dat document op bytes 48846 tot 49402.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bc19905a44bf42081923804dbbb2e92c81fca63247356022e182bcadb80275b9 | shasum -a 256