Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2019

Onder 2.28 Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2019, ECLI:NL:PHR:2019:627.

Deze klacht faalt. Het hof is uitgegaan van de in alinea 2.4 e.v. hiervoor besproken maatstaf voor vernietiging van een bindend advies. Welke motiveringseisen in een concreet geval kunnen worden gesteld aan een specifiek onderdeel van de beslissing van de bindend adviseurs (in dit geval: de vaststelling van de depreciatiefactor), is niet in algemene zin te zeggen (zie alinea 2.7 hiervoor). In de vakliteratuur wordt aangenomen dat de taxateur de depreciatie per geval zal moeten beoordelen, rekening houdend met bijzonderheden zoals de duur van het erfpachtrecht, beperkende bepalingen in de erfpachtakte en gebondenheid van erfpachter en eigenaar na afloop van het erfpachtrecht. Hiermee strookt dat het hof – onbestreden in cassatie – heeft overwogen dat de depreciatie volgens de bindend adviseurs niet rekenkundig is te berekenen, maar slechts is te schatten. Het hof heeft het bindend advies (ook) op dit punt op zijn merites beoordeeld en dat oordeel moet voor rekening van het hof blijven. Het ligt niet op de weg van de Hoge Raad om algemene of zaaksgebonden uitspraken te doen over de mate waarin de depreciatiefactor bij het taxeren van in erfpacht uitgegeven grond door bindend adviseurs moet worden gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/322ceec3fd1146f81ec1569fafd432a871e0efc2952cd135c0d16418de70f088. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 322ceec3fd1146f81ec1569fafd432a871e0efc2952cd135c0d16418de70f088, en de alinea staat in dat document op bytes 52522 tot 53893.