Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2019
Alinea 89 Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2019, ECLI:NL:PHR:2019:686.
19. Het hof heeft met zijn hiervoor in randnummer 16. weergegeven overwegingen tot uitdrukking gebracht van oordeel te zijn dat de benadeelde partij (immateriële) schade heeft geleden tot een bedrag van € 1.500,00. Aan dat oordeel heeft kennelijk niet in de weg gestaan dat de benadeelde partij ter terechtzitting heeft verklaard “inmiddels een bedrag van € 2.500,00 uitgekeerd gekregen” te hebben. Dat – zoals de steller van het middel betoogt – daardoor de grondslag voor toewijzing van die vordering is weggevallen (en mitsdien, zo begrijp ik, de vordering als onrechtmatig of ongegrond had moeten worden aangemerkt), is daarmee naar mijn mening niet zonder meer gezegd, maar is afhankelijk van de feiten en omstandigheden van het geval. In het bijzonder niet aan toewijzing van de vordering in de weg staat bijvoorbeeld de omstandigheid dat aan de benadeelde partij reeds een uitkering is gedaan ingevolge de Wet schadefonds geweldsmisdrijven. Dat de benadeelde partij op zo een uitkering doelde is goed voorstelbaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ae56e06c0cdb13a22298e5120df731690061324b12a37fc3783aac07bf54dc2d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ae56e06c0cdb13a22298e5120df731690061324b12a37fc3783aac07bf54dc2d, en de alinea staat in dat document op bytes 37742 tot 38952.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ae56e06c0cdb13a22298e5120df731690061324b12a37fc3783aac07bf54dc2d | shasum -a 256