Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2019

Alinea 146 Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2019, ECLI:NL:PHR:2019:697.

Uit de omstandigheid dat verdachte reeds gedurende langere tijd de hoofdbewoner van de woning was en toegang had tot alle in de woning aanwezige ruimten en plaatsen waar de verdovende middelen zijn aangetroffen, te weten een keukenkastje, kan worden afgeleid dat de verdachte zich in meer of mindere mate bewust moet zijn geweest van de aanwezigheid van die verdovende middelen. Volgens het hof, en aldus anders dan de verdediging, is hiermee aan het aanwezig hebben van de verdovende middelen voldaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee55af5c94a58fa67cf8b0dcf51eecfb66bdb6094e2f10aabb8e1111c2352271. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee55af5c94a58fa67cf8b0dcf51eecfb66bdb6094e2f10aabb8e1111c2352271, en de alinea staat in dat document op bytes 74629 tot 75144.