Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 juni 2019
Onder 7.4 Parket bij de Hoge Raad 26 juni 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 juni 2019, ECLI:NL:PHR:2019:704.
89 Zoals blijkt uit punt 10 van dit arrest, wordt in een aantal taalversies van artikel 1, lid 1, van richtlijn 2003/49 – de Bulgaarse, de Franse, de Letse en de Roemeense – weliswaar het begrip „begunstigde” gebruikt, maar dit neemt niet weg dat in de andere versies uitdrukkingen worden gebruikt als „daadwerkelijke begunstigde” (in de Spaanse, de Tsjechische, de Estse, de Engelse, de Italiaanse, de Litouwse, de Maltese, de Portugese en de Finse taalversie), „eigenaar”/„houder van het gebruiksrecht” (in de Duitse, de Deense, de Griekse, de Kroatische, de Hongaarse, de Poolse, de Slowaakse, de Sloveense en de Zweedse taalversie), en „uiteindelijk gerechtigde” (in de Nederlandse taalversie). Uit het gebruik van deze verschillende uitdrukkingen blijkt dat het begrip „uiteindelijk gerechtigde” niet verwijst naar een formeel vastgestelde begunstigde, maar naar de entiteit die het economische genot van de ontvangen interest heeft en derhalve vrij kan beslissen over het gebruik ervan. (…).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d4170f71676b797ee09474babf3fc552b7a3ff85408f57091cc861eda3fa4a6e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d4170f71676b797ee09474babf3fc552b7a3ff85408f57091cc861eda3fa4a6e, en de alinea staat in dat document op bytes 114534 tot 115575.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d4170f71676b797ee09474babf3fc552b7a3ff85408f57091cc861eda3fa4a6e | shasum -a 256