Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2019
Onder 2.26 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2019, ECLI:NL:PHR:2019:786.
In de literatuur zijn inderdaad bezwaren geuit jegens artikel 3:83 lid 3 BW. Snijders betoogt in dit verband dat de ongelukkige bepaling van artikel 3:83 lid 3 BW, waarvan de wetsgeschiedenis geen ratio vermeldt, zo moet worden uitgelegd dat zij zo min mogelijk schade aanricht. Dit kan volgens hem door de woorden ‘wanneer de wet dit bepaalt’ ruim uit te leggen. Voldoende moet zijn dat overdraagbaarheid in het stelsel van de wet past en aansluit bij de wel in de wet geregelde gevallen; de formule van Quint/te Poel .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3fbf2dc93c10fa58fe339abb495d9eb17a7c5707ea6295c6303446d2e9db4ce4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3fbf2dc93c10fa58fe339abb495d9eb17a7c5707ea6295c6303446d2e9db4ce4, en de alinea staat in dat document op bytes 65152 tot 65915.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3fbf2dc93c10fa58fe339abb495d9eb17a7c5707ea6295c6303446d2e9db4ce4 | shasum -a 256