Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2019
Onder 2.35 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2019, ECLI:NL:PHR:2019:786.
Voor zover een assurantieportefeuille als zodanig volgens uw Raad wel zou kunnen worden gekwalificeerd als een subjectief vermogensrecht en daarmee als een goed, meen ik dat dit vermogensrecht niet goederenrechtelijk overdraagbaar (en daarmee verpandbaar) is ex artikel 3:83 lid 3 BW. Artikel 4:103 lid 4 Wft biedt hiervoor niet de vereiste wettelijke grondslag, nu deze bepaling slechts ziet op de benodigde toestemming van de verzekeraar voor – ten hoogste – de verbintenisrechtelijke overgang van de assurantieportefeuille van de ene assurantietussenpersoon naar de andere. Ik zie in dit verband geen grond voor het loslaten dan wel oprekken van het in artikel 3:83 lid 3 BW bepaalde.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3fbf2dc93c10fa58fe339abb495d9eb17a7c5707ea6295c6303446d2e9db4ce4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3fbf2dc93c10fa58fe339abb495d9eb17a7c5707ea6295c6303446d2e9db4ce4, en de alinea staat in dat document op bytes 81556 tot 82262.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3fbf2dc93c10fa58fe339abb495d9eb17a7c5707ea6295c6303446d2e9db4ce4 | shasum -a 256