Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2019
Onder 2.36 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2019, ECLI:NL:PHR:2019:786.
Het daaropvolgende subonderdeel 1.2 faalt bij gebrek aan feitelijke grondslag. In rov. 4.8 oordeelt de rechtbank dat de assurantieportefeuille als algemeenheid van goederen geen goederenrechtelijke eenheid is, zodat alleen de bouwstenen afzonderlijk en voor zover dat volgens de wet mogelijk is kunnen worden overgedragen. Vervolgens komt de rechtbank tot de conclusie dat slechts de vorderingsrechten goederenrechtelijk overdraagbaar zijn en dat slechts daarop een pandrecht kon worden gevestigd (onder verwijzing naar de artikelen 3:228 in verbinding met 3:98 en 3:83 lid 3 BW). In combinatie met de overweging in rov. 4.7 (slot) dat overdraagbaarheid een essentiële voorwaarde is om een pandrecht te kunnen vestigen waarbij gewezen wordt op artikel 3:228 BW, kan mijns inziens niet gezegd worden dat in het oordeel van de rechtbank de opvatting besloten ligt dat voor de vraag of een assurantieportefeuille als vermogensrecht kan worden aangemerkt, bepalend is of de assurantieportefeuille kan worden overgedragen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3fbf2dc93c10fa58fe339abb495d9eb17a7c5707ea6295c6303446d2e9db4ce4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3fbf2dc93c10fa58fe339abb495d9eb17a7c5707ea6295c6303446d2e9db4ce4, en de alinea staat in dat document op bytes 84035 tot 85140.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3fbf2dc93c10fa58fe339abb495d9eb17a7c5707ea6295c6303446d2e9db4ce4 | shasum -a 256