Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2019
Onder 2.10 Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juli 2019, ECLI:NL:PHR:2019:786.
Zo oordeelde uw Raad in 1968 dat bij de totstandkoming van de Wet Assurantiebemiddeling op de voorgrond heeft gestaan de verbetering van de rechtspositie der tussenpersonen als bemiddelaars tussen verzekeraars en verzekeringnemers, waarbij “ het geheel van de relaties van deze tussenpersonen met de verzekeringnemers, die zij als hun cliënten beschouwen – de ‘portefeuille’ van de tussenpersoon – als een aan dezen toekomend, in beginsel overdraagbaar vermogensobject werd beschouwd .”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3fbf2dc93c10fa58fe339abb495d9eb17a7c5707ea6295c6303446d2e9db4ce4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3fbf2dc93c10fa58fe339abb495d9eb17a7c5707ea6295c6303446d2e9db4ce4, en de alinea staat in dat document op bytes 40594 tot 41203.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3fbf2dc93c10fa58fe339abb495d9eb17a7c5707ea6295c6303446d2e9db4ce4 | shasum -a 256