Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2019
Alinea 72 Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:84.
13. Het voorgaande brengt mee dat ik over het voorgestelde middel kort kan zijn. Noch de tekst van de bepaling van art. 38v Sr, noch de memorie van toelichting biedt aanknopingspunten voor de stelling dat de vrijheidsbeperkende maatregel enkel in het leven is geroepen voor die gevallen waarin de rechter niet zou toekomen aan de toepassing van bijzondere voorwaarden bij een voorwaardelijke straf, maar de rechter wel een contact- en/of gebiedsverbod wil opleggen. In de parlementaire geschiedenis is immers expliciet opgemerkt dat het aan de rechter is om een keuze te maken tussen een vrijheidsbeperkende maatregel en een vrijheidsbeperkende voorwaarde bij een voorwaardelijke veroordeling, terwijl niet is uitgesloten dat de rechter bij een(zelfde) veroordeling een combinatie van beide oplegt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de6f72bfd26f8302fb06950304916979ecf098b1ac80eae604bd8d7155a0277c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de6f72bfd26f8302fb06950304916979ecf098b1ac80eae604bd8d7155a0277c, en de alinea staat in dat document op bytes 33455 tot 34267.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/de6f72bfd26f8302fb06950304916979ecf098b1ac80eae604bd8d7155a0277c | shasum -a 256