Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2019
Alinea 73 Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2019
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 januari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:84.
14. Die situatie doet zich in de voorliggende zaak voor. Het hof heeft aan de verdachte in de voorliggende zaak immers een deels voorwaardelijke taakstraf opgelegd met daarbij onder meer als bijzondere voorwaarden een contact- en locatieverbod. Daarnaast heeft het hof de vrijheidsbeperkende maatregel van art. 38v Sr opgelegd die datzelfde contact- en locatieverbod inhoudt, met het bevel dat die maatregel dadelijk uitvoerbaar is. De bijzondere voorwaarden heeft het hof niet op grond van art. 14e Sr dadelijk uitvoerbaar verklaard. De wetgever zag in de door het hof opgelegde combinatie geen bezwaren. Het voorgaande brengt mee dat het hof bij de strafoplegging niet heeft geoordeeld in strijd met het doel en de ratio van de wet, hetgeen de strafoplegging van het hof niet onbegrijpelijk maakt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de6f72bfd26f8302fb06950304916979ecf098b1ac80eae604bd8d7155a0277c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de6f72bfd26f8302fb06950304916979ecf098b1ac80eae604bd8d7155a0277c, en de alinea staat in dat document op bytes 34287 tot 35227.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/de6f72bfd26f8302fb06950304916979ecf098b1ac80eae604bd8d7155a0277c | shasum -a 256