Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 september 2019

Onder 2.39 Parket bij de Hoge Raad 6 september 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 september 2019, ECLI:NL:PHR:2019:867.

Onderdeel 4 (onder nrs. 40-43) is gericht tegen het oordeel van het hof over het ‘declaratiebetalingsmotief’, te weten de stelling van de curatoren dat voor de beoordeling van het handelen van Banning c.s. relevant is dat zij wisten dat hun declaraties uit het met de overboeking gemoeide bedrag zouden worden voldaan. Het hof heeft dit betoog in rov. 3.10 en 3.12 verworpen. Het onderdeel (onder nr. 42) klaagt dat het hof heeft miskend dat Banning c.s. hierdoor ook optraden als behartiger van hun eigen belang, dat conflicteerde met het belang van hun cliënt, terwijl het belang van de cliënt centraal moet staan. Ook wordt geklaagd (onder nr. 43) dat het hof heeft miskend dat het feit dat declaraties van Banning c.s. uit het overgeboekte bedrag zouden worden voldaan, voldoende concrete aanwijzingen opleverden dat met die overboeking onrechtmatig werd gehandeld jegens [C] en [D] en hun schuldeisers.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/489f2d21867057de83e300881558f9a25fc433cb073996575d1a896613c8f3a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 489f2d21867057de83e300881558f9a25fc433cb073996575d1a896613c8f3a9, en de alinea staat in dat document op bytes 67040 tot 68014.