Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019

Alinea 25 Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 oktober 2019, ECLI:NL:PHR:2019:930.

13. Daarnaast merk ik het volgende op. Op de zitting van 16 februari 2018 – de raadsvrouw van de verdachte was toen ter terechtzitting aanwezig – heeft de medeverdachte [medeverdachte 2] als verdachte in haar eigen zaak een verklaring afgelegd. Daarna heeft zij, in de gelijktijdig doch niet gevoegde zaken van de medeverdachten, waaronder die van de verdachte, een verklaring als (beëdigd) getuige afgelegd, in het bijzijn van onder meer de raadsvrouw van de verdachte. Deze verklaring houdt in: “Ik heb zojuist als verdachte alles eerlijk verteld, ik blijf daar ook als getuige bij” (proces-verbaal, p. 10). De raadsvrouw van de verdachte kreeg vervolgens de gelegenheid vragen aan getuige [medeverdachte 2] te stellen, maar verklaarde geen vragen voor deze getuige te hebben. De verklaring die [medeverdachte 2] als verdachte heeft afgelegd en waarbij zij als getuige is gebleven, komt materieel overeen met haar schriftelijke verklaringen, die als bewijsmiddel voor het bewijs van feit 4 zijn gebezigd en bevestiging vinden in de andere, in de bewijsmiddelenbijlagen 1 en 3, gebezigde bewijsmiddelen. Ook in dat opzicht kan, lijkt mij, worden gezegd dat de verdachte geen rechtens te respecteren belang heeft bij het alsnog weergeven van de ter terechtzitting afgelegde verklaring van de getuige [medeverdachte 2] (en het enkel op die grond vernietigen van het bestreden arrest en terugwijzen dan wel verwijzen van de zaak).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8fd84bdcb03a377cc1a8d2d7c348e0a119461c8589bb9aa7c64c90e9e73ff30b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8fd84bdcb03a377cc1a8d2d7c348e0a119461c8589bb9aa7c64c90e9e73ff30b, en de alinea staat in dat document op bytes 14018 tot 15469.