Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2019

Onder 5.16 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2019, ECLI:NL:PHR:2019:950.

[verzoekster] daarentegen is geen daadwerkelijke gebruiker van de grond (zie hierboven); zij heeft daarom ook geen aanspraak op compensatie op basis van de bedoelde uitzondering. Het stuk grond waarop [verzoekster] aanspraak maakte (2.810 m2) is bovendien aanzienlijk kleiner dan het stuk grond dat [belanghebbende 8] daadwerkelijk in gebruik had (4.930 m2) . Tot slot genoot [belanghebbende 8] als werkelijke gebruiker voorrang ten opzichte van [verzoekster] . [verzoekster] is dus niet te vergelijken met het geval [belanghebbende 8] . Van een onbegrijpelijk oordeel of een ongelijke behandeling van gelijke gevallen is geen sprake.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7da5d9d372104dd29d26c4ae4ecbf6c28a570f785ccc9767b44c89b48cb7c60. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7da5d9d372104dd29d26c4ae4ecbf6c28a570f785ccc9767b44c89b48cb7c60, en de alinea staat in dat document op bytes 75131 tot 75982.