Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 september 2019

Onder 3.51 Parket bij de Hoge Raad 27 september 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 september 2019, ECLI:NL:PHR:2019:954.

In geval van onderbrenging van de pensioenovereenkomst bij een verzekeraar gaat de verzekeraar verplichtingen aan waarvan het niveau van tevoren is vastgesteld. Ook de contractsduur alsmede de premie die de werkgever de verzekeraar betaalt worden vooraf afgesproken. Er is derhalve een directe relatie tussen de premie en (de opbouw van) pensioen. Indien de werkgever de premie niet betaalt wordt die relatie doorbroken. Stopzetting van de betaling van de premie door de werkgever zal tot gevolg hebben dat de verzekeraar de pensioenverzekeringen van de deelnemers premievrij maakt of deze – indien de verzekering geen premievrije waarde heeft, zoals bij verzekeringen op risicobasis het geval is – laat vervallen. Aanspraken (op toekomstig pensioen) en rechten (reeds ingegane pensioenuitkeringen) die zijn opgebouwd voordat de werkgever de premiebetaling staakte blijven in stand. (…).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/42b2bdbe7284029e5c8284d232bb42dab133f4b4a3bbd40c34c63310ea8c2552. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 42b2bdbe7284029e5c8284d232bb42dab133f4b4a3bbd40c34c63310ea8c2552, en de alinea staat in dat document op bytes 89548 tot 90512.