Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 september 2019

Onder 3.40 Parket bij de Hoge Raad 27 september 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 september 2019, ECLI:NL:PHR:2019:962.

“4.6 (…) De brief van 3 februari 1995 van Brocacef, waarin de wens wordt uitgesproken met [...] een afspraak te maken om te komen tot een definitieve afronding van de onderhavige kwestie, is niet geformuleerd als een mededeling dat Brocacef de afnameovereenkomst niet zal nakomen. Daarom heeft het hof hetzij van een onjuiste rechtsopvatting over de onderhavige bepaling blijk gegeven, hetzij zijn oordeel onvoldoende gemotiveerd. Zonder nadere toelichting, die ontbreekt, is immers het oordeel van het hof dat uit deze brief genoegzaam blijkt dat Brocacef de afnameovereenkomst niet zou nakomen, onbegrijpelijk. Het onderdeel treft dus doel.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d230082ed99c89c94cca636fd6c28dace59679fa36e9bd85b80d8d61d3b56e16. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d230082ed99c89c94cca636fd6c28dace59679fa36e9bd85b80d8d61d3b56e16, en de alinea staat in dat document op bytes 70456 tot 71118.