Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 januari 2019

Onder 7 Parket bij de Hoge Raad 25 januari 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 januari 2019, ECLI:NL:PHR:2019:97.

126. De rechtbank en het hof hebben aan de vraag of en zo ja, in hoeverre de vordering tot vernietiging ontvankelijk is, geen overwegingen gewijd. Zie ik het goed, dan hebben partijen daarover in feitelijke aanleg ook geen debat gevoerd. De vraag of tegen een arbitraal vonnis een vordering tot vernietiging openstaat, is van openbare orde. Wordt tegen een arbitraal vonnis een vordering tot vernietiging ingesteld, terwijl dit niet openstond, dan moet de eisende partij ambtshalve niet-ontvankelijk worden verklaard. In rechtspraak en literatuur bestaat m.i. nog weinig duidelijkheid over de vraag of een arbitrale beslissing waarin voorlopige maatregelen zijn opgelegd, naar haar aard open staat voor vernietiging.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e1be912332ef690daa405f49fa8d9a260b1b27b5c638497396387da6c9f23b85. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e1be912332ef690daa405f49fa8d9a260b1b27b5c638497396387da6c9f23b85, en de alinea staat in dat document op bytes 141330 tot 142158.