Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 september 2019

Onder 3.18 Parket bij de Hoge Raad 6 september 2019

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 september 2019, ECLI:NL:PHR:2019:979.

Vervolgens de klacht bedoeld onder 3.13 sub d. [eiser] heeft er zich op beroepen dat door [verweerder] geen werkzaamheden zouden worden verricht en dat een vaste vergoeding is afgesproken, los van het aantal paarden. Indien feitelijk juist, zijn dit inderdaad aanwijzingen dat de zogenaamde inscharing in feite pacht betreft, zodat het hof op deze stellingen diende te responderen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2cd3c7a201900afd9087aa92eb5680e4c213b4e70b679d3eb196041f7a4d6751. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2cd3c7a201900afd9087aa92eb5680e4c213b4e70b679d3eb196041f7a4d6751, en de alinea staat in dat document op bytes 33347 tot 33869.